dinsdag 4 april 2017

1994: Route Tuzla - Srebrenica doel Skopje in Macedonië

1994: Route Tuzla - Srebrenica doel Skopje in Macedonië:


Onderweg met een vracht hulpgoederen en een diplomaten vracht geladen in Slovenie;
Mooi warm weer en de zon scheen volop, dus relaxed op weg naar Skopje in Macedonie.
Niet wetend welke tragedie mij daar te wachten stond;
Zo akkelig, een film zonder einde, een loop, wat mij tot op heden geestelijk vervormd en verwond.


Het plaatsje Vlasenica iets om nooit meer te vergeten;
Daar werd mijn hart werkelijk kapot gereten.
Net voor dat plaatsje stond een grote groep bijeen geraapte soldaten;
Allerlei soorten uniformen, bivakmutsen die mij tot stoppen dwongen en wilde praten.

   

Ik had geen keus want allen waren gewapend;
Het vredige en ontspannen gevoel was weg, de spanning om te snijden;
Ik wilde eerst over hen heen en op hen inrijden.
Maar ik was niet voldoende bewapend.

Uit mijn wagen stappend  moest ik hen zeggen wat ik daar deed;
En melde hun dat het de bedoeling was dat ik naar Skopje reed.
Toen de vraag wat of mijn lading was;
Ik antwoorde:  diplomatiek en liet hun zien mijn Canadese pas.

Onderwijl keek ik om mij heen en zag daar een gezin;
Vader, moeder en kinderen niet ouder dan 14 jaar en op de arm van moeder nog een kleine Benjamin.
Ik keek hen aan en zij keken angstig zoekend rond;
Ik voelde de spanning die op knappen stond.

   

Ineens een loop van een kalashnikov tegen mijn hoofd en ik werd tegen de wagen gedrukt;
Er werd wat gezegd maar ik verstond het niet dus zweeg en keek bedrukt;
Ze begonnen aan mij te trekken en te slaan;
Dat was voor mij het startschot om er voor te gaan.

Ik sloeg van mij af, trapte er één tegen het hoofd en haalde twee van hen onderuit;
Maar de overmacht was te groot en ik lag op de grond languit.
Een loop werd tegen mijn hoofd gezet en ik hoorde een klik;
De trekker was overgehaald maar het wapen bleek leeg ach wat was dat een zwaar ogenblik.

Ze trokken mij omhoog en begonnen te lachen en ik kreeg een schouderklop;
Een man, vermoedelijk de leider van het stel, wees naar mij met zijn vingertop,
en deed zijn duim omhoog en schudde veel betekenend zijn hoofd;
Maar ik was van binnen als verdoofd.

Ik stond op en wees op het diplomatieke bord voor op de wagen;
Toen begon er blijkbaar iets in die hersens van hen te dagen.
Onderwijl hoorde ik het vergrendelen van diverse geweren;
En voordat ik wat kon doen een oorverdovend geratel en werd het gezin vermoord zonder zich te kunnen verweren.


De kogelgaten zie ik nog steeds inslaan op die geruite blouse;
Ook dat kleine hummeltje op de arm bij mama, zonder pardoes.
Dit,........ dit kun je niet beschrijven wat je dan voelt en ervaart;
Dit,....... dit is om nooit te vergeten en Och wat voelde ik mij bezwaard.


Ik stapte in mijn wagen en deelde deze benden sigaretten uit;
Vervolgens gaf ik signalen vanachter mijn cabine ruit.
Dat ik door wilde en ik tikte op mijn horloge;
Ik wilde weg van deze grote enorme katastrofe.

Ik knikte naar de leider met mijn hoofd;
En keek de man in de ogen maar  hij keek van mij weg;
De stank, de lucht ik was als verdoofd.
Nooit, nooit zal ik het vergeten wat er gebeurde op deze bergweg.

Misselijk, verward maar ook verwonderd;
Dat ik toch door kon en mocht rijden, misschien dat ik hen had overdonderd.
Trillend en rokend achter het stuur;
Heb ik nog een stuk non-stop gereden van 18 uur.

Innerlijk kapot en vol zelfverwijt en gedachte van: "Had ik maar";
Had ik iets kunnen doen om dit te voorkomen,
Zij hadden al hun wapens schietklaar;
Ik was zelf anders ook omgekomen.

Huizen in puin en o wat een verdriet;
Het is overal ellende als je om je heen ziet.
Geweld, afschieten van mensen het is zo heel gewoon;
Het is definitief veranderd dat mooie landschapspatroon.


  

Het blijft mij dagelijks achtervolgen hoe dit is gegaan;
Wat deze bandieten dit onschuldige gezin hebben aangedaan.
Waakzaam op mijn hoede bij iedere bocht;
Geloof me, ik had doorgereden want nu had ik geboft,

Vergeten? nee dat gaat niet meer;
Nagenoeg dagelijk moet ik er aan denken en dat kost energie en doet zeer.
Waarom, waarom is mijn grote vraag;
Doen mensen dit elkaar aan, daar zit ik mee in mijn maag.


Kan ik het u vertellen, u dit dit leest?
Misschien wel, maar ik  denk niet dat u er bent geweest.
Heeft u het geproefd de sfeer, spanningen en dan het ratelend machine geweer geluid;
Een schreeuwende moeder, huilend kind en dan stilte, dat wil er bij mij althans niet meer uit.


Onderstsaand gedichtje kwam ik ergens tegen en dacht: "Dat past hier wel bij".
Hier wil ik het verder bij laten want het wordt weer teveel voor mij.

Ik heb je voor het laatst gesproken
in de pruimentijd.
De mooiste, de blauwste pruimen
waren voor de slivovitsj.
We toostten op ons land,
onze taal, onze toekomst.
Toen gingen we uiteen,
elk naar ons eigen godshuis.

Ik heb je voor het laatst gehoord
bij de pruimenboom.
Je sprak fel en vurig
opgezweept door slivovitsj.
Je sprak van een nieuw land,
een nieuwe taal, een nieuwe toekomst.
Toen gingen we uiteen,
elk naar ons eigen front.

Ik heb je voor het laatst gezien
bedekt met pruimenbladeren.
Mijn hoofd bonsde, mijn keel schroeide,
als na een nacht goedkope slivovitsj.
Je lag daar zonder land,
zonder taal, zonder toekomst.
Ik sloot je ogen en ging
terug naar mijn eigen leegte.









Geen opmerkingen:

Een reactie posten